landbouwconsumentmilieuzuiden

Menu

Landbouw 2015: provinciale debatavond Limburg

In het kader van de actie "2015 – de tijd loopt!" vond op 7 maart 2007
de Limburgse debatavond plaats onder de titel "Boerendiversiteit : Voedsel verzekerd in 2015 !".

Per provincie werd zo'n debatavond gehouden en voor Limburg had de basisgroep Limburg van Wervel de organisatie op zich genomen in overleg met andere partners. De provincie was gastheer, stelde de Boudewijnzaal in het provinciehuis ter beschikking en bood na afloop een receptie aan, verzorgd door mensen van de Wroeter, het ecologisch centrum in Kortessem (biolandbouw met sociale tewerkstelling).

 

Député voor Ontwikkelingssamenwerking Erika Thijs sprak een welkomswoord.

Dan was het de beurt aan Marcel Kerff die als moderator de avond bekwaam leidde.

Panelleden waren Karel Vervoort, landbouwconsulent van de Boerenbond voor Noord-Limburg, Luc Vankrunkelsven van Wervel, Souliman Diraa, afgestudeerd bij Landwijzer en werkzaam bij de Wroeter, Els Verstraeten, boerin van het Swijsenhof (Schimpen, gemeente Hasselt) en Jos De Clercq, bioboer van de Natlandhoeve (Zepperen, gemeente Sint-Truiden).

De wereldvoedseldag van 16 oktober 2006 vormde in Vlaanderen het startsein van een campagne voor duurzame landbouw en voedselzekerheid. Het recht op voedsel komt daarmee op de politieke en publieke agenda. In de vertaling naar de lokale situatie werd voor Limburg gekozen voor een verscheidenheid van wegen die landbouwers kunnen bewandelen om onze voedselvoorziening én het rechtvaardig inkomen van de boeren (hier en in het zuiden) in de toekomst veilig te stellen.

Iedere spreker werd kort ingeleid met een filmfragment in relatie tot zijn achtergrond en werksituatie.

Mooi beeldmateriaal dat de materie in korte tijd tastbaarder maakte. Bekijk de filmpjes van

" target="_blank">Els Verstraeten,
" target="_blank">Jos Declercq en
" target="_blank">Souliman Diraa.

Karel Vervoort, ingeleid met enkele uitspraken ontleend aan de enquete die de Boerenbond in 2006 hield, concludeerde dat de meerderheid van de Vlamingen vindt dat landbouw in Vlaanderen niet gemist kan worden, maar ook dat de bereidheid om te betalen voor door de boeren verrichte milieuactiviteiten gering is.

  • Als kernprobleem signaleerde hij de grote druk op de grond : "750.000 ha, daar moeten wij het als boeren mee doen in Vlaanderen."
  • De Boerenbond is er niet alleen voor de grote boeren; hij is voorstander van de zorgfunctie op de boerderij én heeft ook aandacht voor de ontwikkeling van de landbouw in de derde wereld, waarvoor de aan de Boerenbond gelieerde vzw IVA, Ieder voor Allen, opkomt.
  • Natuur is voor hem "harde natuur".
  • Prognoses voor 2016 ? De Boerenbond laat de boeren zelf hun ontwikkeling bepalen en stuurt zo min mogelijk.
  • Ontwikkeling naar meer geïntegreerde teelten wordt voorzien.
  • Beheersovereenkomsten (natuurbeheer) op vrijwillige basis.
  • Geef MAP 3 zijn kans; een overmaat aan bestrijdingsmiddelen in het oppervlaktewater is in Limburg geen punt.

 

Luc Vankrunkelsven brengt de thema's WTO en het zuiden aan.

Hoe de GATT, voorganger van de WTO, de oorzaak is van doorbroken kringlopen : de afspraak van 1962 - nog altijd van kracht – inhoudende dat oliehoudende zaden zonder douaneheffing de EU mogen binnenkomen. Dat betekent dat soja en andere grondstoffen die vooral in het veevoeder worden verwerkt, van overzee worden aangevoerd en bij ons geleid hebben tot de grondloze landbouw. In de derde wereld betekent dit uitputting van de landbouwgronden en bij ons overvloed aan mest en vervuiling van grond- en oppervlaktewater (zie ook de Wervel-Fetraf tekst : "WTO en voedselstromen Brazilië-Europa", 2005 : Vlaamse en Braziliaanse boeren willen een vinger in de pap).

  • Het bestaan van twee landbouwmodellen, vooral extreem zichtbaar in de derde wereld : aan de ene kant de familiale landbouw, soms op maar 2 ha en aan de andere kant de industriële landbouw van de grootgrondbezitters, bedrijven met 100.000 ha en meer.
  • De consument grijpt eerder naar dierlijke dan naar plantaardige eiwitten, maar mondiaal kan de landbouw dit niet blijven aanbieden. Er is een noodzaak tot vlees minderen.
  • De huidige ontwikkeling kan de individuele boeren niet verweten worden. De echte oorzaak is regelgeving, nationaal, Europees en mondiaal. Collectief moeten de boeren wel tegengas geven.


Souliman Diraa is werkzaam in de biologische land- en tuinbouw op het bedrijf De Wroeter, waar ook clienten in de zorgsfeer werkzaam zijn. Hij is geschoold in de cursus van Landwijzer, de opleiding voor de biologische land- en tuinbouw, maar ook is hij sociaal-maatschappelijk assistent, een combinatie die hem bij De Wroeter goed van pas komt. Hij heeft plannen om een eigen bedrijf op te starten, maar weet niet hoe aan grond te komen ?

  • Boeren is een ervaringsstiel; dat heeft de praktijk hem geleerd; het vraagt jaren om het onder de knie te krijgen.
  • Boeren geeft mogelijkheden tot zelfverwezenlijking.
  • De combinatie van biologische tuin- en landbouw met de opvang van zorgclienten past goed bij elkaar.
  • Het opstarten van een eigen bedrijf stuit op de beschikbaarheid van grond; pacht is de enige mogelijkheid als je niet als boerenzoon geboren bent.
  • Hij is er voorstander van om natuurgebied toegankelijk te maken voor biologische landbouw, waarin alleen met natuurlijke bestrijders wordt gewerkt.
  • Hij stelt een blijvende dialoog voor tussen de boeren van verschillende slag werkzaam in de biologische, de geïntegreerde en de gangbare landbouw.

 

Els Verstraeten runt samen met haar man het Swijsenhof, een klassiek gemengd bedrijf met maximale diversiteit en ook met verbreding naar eigen verwerking en verkoop én naar de zorgfunctie. Els heeft 17 jaar als verpleegkundige gewerkt voordat ze begon aan de verwerking van de eigen melk. Zonder die functieverbreding zou ze nog steeds buitenshuis moeten werken om financieel rond te komen.

De zoon heeft voor het tegendeel gekozen. Hij runt een gespecialiseerde kalvermesterij. De ouders hadden het er in het begin moeilijk mee, maar het draait nu twee jaar en het gaat goed. Els vindt dat hij een juiste keuze heeft gemaakt. Hij heeft zijn goesting gevolgd; "Anders werk het toch niet", zegt Els.

  • De opstart van eigen verwerking en zelfverkoop heeft zo zijn moeilijke kanten : de door de overheid opgelegde formaliteiten, de regelmatige controles en kwaliteitskeuringen. Op zich zijn ze niet onredelijk maar boeren zijn dat niet gewoon. Boeren hebben het in het algemeen moeilijk met regelgeving; ze worden er bovendien door overstelpt.
  • Zelfverkoop op een boerderij is niet evident. Uit de Boerenbond-enquete bleek dat 63% van de boeren dat niet ziet zitten. Heel wat boeren zoeken het directe contact met de consument niet; zij verstaan hun stiel en willen in stilte boeren en zeker niet voortdurend volk op het erf.
  • Zelfverkoop is erg bindend : hoeveijs moet er ook op zondag zijn.
  • Voordat je met iets nieuws begint of het nu zelfverwerking en –verkoop is of de omschakeling naar een zorgboerderij, moet je eerst goed rondkijken en bij collega's te rade gaan.
  • De thuisverkoop op het Swijsenhof betreft alleen eigen producten : zuivel  zoals melk, yoghurt, kaas en aardappelen.

 

Jos De Clercq runt een biovleesveebedrijf in Zepperen. De leveranciers zijn Limousin-runderen. De dieren grazen voor een deel in het natuurgebied van Nieuwenhoven. Zij krijgen ook grasklaver bijgevoederd en geplette granen van eigen teelt, haver en gerst. Het vlees wordt verkocht binnen eigen consumentencircuits. Aan de officiële markt heeft Jos geen boodschap.

Er is weinig of geen input van buitenaf, er is geen soja uit het Zuiden nodig. De teelt is extensief, ten hoogste twee koeien op één ha. Dit is automatisch een goede oplossing, maar zeker niet de gangbare keuze.

  • Sproeistoffen worden niet gebruikt, de bodem wordt organisch bemest.
  • Naast vlees levert de boerderij ook fruit.
  • Landbouwers zitten soms in een getto; de biologische landbouw is helemaal een niche.
  • Jos heeft grond genoeg; er komt al eens iemand meeboeren.
  • Stoppende boeren moeten hun grond beschikbaar stellen of gebruik maken van de warme sanering; het alternatief is een koude sanering.
  • Schaalvergroting : het is afhankelijk van de aard van het bedrijf. Jos heeft er geen behoefte aan; voor anderen kan het een oplossing zijn.
  • "Emissierechten waaien naar de zee" zegt Jos, dwz. de mestproblemen concentreren zich in West-Vlaanderen rond de varkensteel.
  • Jos is voorstander van beheersovereenkomsten oa. via de VLM; voorwaarde is een correcte betaling en continuiteit. Een stagnerende beheersovereenkomst kan verlies van een vol jaar betekenen.

 

Panelgesprek

Karel benadrukt dat boeren in de eerste plaats producenten zijn; hij stelt het economische aspect voorop.

Het in zwang komen van certificaten en vooral de toenemende overheidseisen bewerken dat de gangbare landbouw opschuift in de richting van de biologisch landbouw.

Souliman vindt dat bij slecht beheer of tekortschietend rentmeesterschap de boer aanspreekbaar moet zijn.

Jos : Veel boeren zijn weinig communicatief; zij verstaan hun vak, maar willen gerust gelaten worden.

Luc is geraakt door de uitspraak van Karel over "harde natuur". Vlaanderen heeft veel subculturen; de boerencultuur is er daar een van.

Op een vraag rond EU-subsidies antwoordt Karel dat 53% van de boeren de subsidies nodig heeft. Overigens zijn de premies per sector zeer uiteenlopend.

Els stelt voor om de premies af te schaffen en de boeren in plaats daarvan een eerlijke prijs te geven. Luc zegt dat de boeren zeker de zwaksten zijn in de voedselketen en de grote voedselverwerkers niet de sterksten, immers dat zijn vooral de grootwinkelbedrijven. Zij gaan met het grootste deel van de koek lopen.

Jos pleit daarom voor rechtstreekse verkoop; zijn prijzen zitten vlak bij die van de thuisverkoop van de gangbare boer. Het biovlees bij de supermarkt is duurder dan in de thuisverkoop. Jos meent dat de supermarkt het slim speelt; de laatste motiveert zijn hogere prijs met de risico's van onverkochte partijen. Maar 's avonds is toch al het biovlees op.

Veel boeren zijn prijsnemers, dwz. afhankelijk van anderen die de prijs bepalen. De thuisverkoop maakt van boeren prijszetters.

De prijs van de grond : het risico, dan wel de kans op een andere bestemming maakt de grond duurder. Boeren spelen daarin een dubbelzinnige rol; zij zijn de dupe van de dure grond als zij willen kopen, maar grijpen de kans als de grond bv. woonbestemming krijgt en veel opbrengt.

Karel vindt óok dat het spel rond de grond dubbelzinnig is. Aan grondstoffenwinning zoals grint ed. kan een boer individueel goed verdienen, maar het gaat ten koste van het landbouwareaal en dus ten koste van de sector.

Karel meent dat Noord-Limburg genoeg natuurgebied heeft en dat er geen reden is om nog landbouwgrond te versassen naar natuurgebied. Wel zou landbouwgrond gereserveerd moeten blijven voor voedselproductie, en niet voor energieteelten of voor luxe paarden. Souliman deelt die mening.

Luc pleit voor meer verweving en minder scheiding van natuur en landbouw. Ook hij signaleert teveel weiden met luxe paarden; half Landbouwleven is gewijd aan de luxe paarden.

Luc gaat in op biodiesel uit soja. Er is in Brazilië veel over te doen, maar er zijn andere vormen van bio-energie, die aantrekkelijker zijn zoals vergisting en vergassing van biomassa.

Karel herinnert aan de Boerenbondleuze mbt. natuur en landbouw : "Scheiding waar kan en verweving waar moet". Jos meent dat intensieve bedrijven moeilijk samengaan met de natuur, maar zijn eigen bedrijf is zo ingericht dat een verweving heel goed kan. Als men van een melkkoe 7000 à 8000 liter melk per jaar verwacht, kan dat niet samengaan met grazen in natuurgebied.

Els geeft informatie over het financieel aspect van de zorgfunctie op de boerderij, dwz. de opvang van clienten die moeilijk inpasbaar zijn in een normaal werkproces wegens hun geestelijke handicap. In haar bedrijf is geen economisch rendement te bereiken met die inzet. De vergoeding per client per dag is 40 euro. Zij heeft drie clienten, maar niet gelijktijdig. Els moet er heel wat tijd insteken en meent dat je het om het geld niet moet doen.

Souliman heeft op de Wroeter ook ervaring met mensen die in een gewoon werkproces niet inzetbaar zijn. Toch gaat het bij de Wroeter om een ander slag mensen, die wel degelijk productie kunnen maken. Je moet ze de tijd geven om te groeien in hun werk. Souliman zegt : "Ik heb veel van onze gasten geleerd."

Iemand vraagt of grondaanbod vanuit bv. een vzw als "Land in zicht" een oplossing kan zijn voor een startende boer. Tot nu toe is dit een kleinschalig verschijnsel. Als de consumenten er iets in zouden zien en meer bereid zouden zijn geld te steken in aandelen van zo'n vzw, zou het kunnen groeien. Het principe is een nieuwe vorm van grondeigendom, waardoor een startende boer aan grond kan komen. Jos heeft een slimme oplossing. Hij heeft een stuk grond in gebruik in ruil voor de levering van vlees.

De landbouw gebruikt 70% van het op aarde beschikbare zoetwater. Het waterprobleem zal in de toekomst het mestprobleem overstijgen. Intussen gaan in Latijns-Amerika 30 miljoen ha voor de landbouw verloren door verwoestijning. Luc ziet het grootscheepse sojatransport uit LA naar elders in de wereld als een verlies van de vier elementen, onder meer van nutriënten en water, maar ook van brandstof wegens productie (inzet van kunstmest en bestrijdingsmiddelen) en transport.

Het vleesaanbod van de Natlandhoeve : behalve het eigen rundvlees zijn er ook ook varkensvlees en schapenvlees van collega's. De lokale verkoop blijft voorwaarde. Vlees dat geleverd wordt kan desnoods voor een jaar de diepvries in. Het transport blijft dus beperkt (maar hoe staat het met het energieverlies aan de diepvries ?)

De invloed van het transport op de voedselethiek : Wervel zegt immers " Denk globaal, Eet lokaal". Problematisch is bv. zalm uit de Noorse fjorden gevoederd met soja uit Brazilië ; ook wijn uit Chili staat ter discussie. Koffie is dan weer iets anders.

EU-subsidies houden een vragensteller bezig. Waarom krijgt de koningin van Engeland zoveel landbouwsubsidies ? Karel pleit voor een maximaal bedrag per bedrijf om excessen tegen te gaan. De MTR-premies (Midterm review premies) moeten voor boeren zijn, niet voor grootgrondbezitters. De VS krijgen een veeg uit de pan wegens de hoge directe steun voor graan- en sojaverbouwers, maar de EU gaat evenmin vrijuit.

Els herinnert aan de onbestaande band tussen graan- en broodprijs : "6 frank voor een kg tarwe tegenover 2 euro voor een brood."

Luc herinnert eraan dat de WTO-regels niet op het lijf van de boeren – hier en in het zuiden – maar op dat van de multinationals zijn geschreven.

 

Frans Beckers, voorzitter van de basisgroep van Wervel, sluit de avond af met een woord van dank aan allen en de provincie biedt een receptie aan met drank en hapjes van de Wroeter.

 

verslag: Gert Coppens
Facebook Twitter Pinterest