Rapporten over klimaatevolutie - gevolgen voor de voedselproductie

Tegen 2010 dreigt extreme droogte een derde van onze planeet te treffen, zo staat in een van twee alarmerende rapporten waarover de Britse pers woensdag, 4 oktober 2006, heeft bericht. Het andere waarschuwt dat de wereld miljardenschade zal oplopen als er niet snel iets wordt gedaan aan klimaatsverandering.

Volgens een door de gezaghebbende krant The Independent gepubliceerde studie van het studiecentrum van de Britse meteorologische dienst omtrent het klimaat, het Hadley Center, zal tengevolge van de opwarming van de Aarde tot de helft van de planeet te maken krijgen met droogte die het leven van miljoenen mensen bedreigt.

Een derde van de planeet zal extreme droogte kennen waarin landbouw onmogelijk is, aldus toonaangevende wetenschappers in een van de meest afschrikwekkende voorspellingen omtrent de potentiële gevolgen van de klimaatsverandering. Hulp- en ontwikkelingsorganisaties vrezen dat arme landen zwaarst getroffen zullen zijn. "Een doodvonnis voor miljoenen mensen", zo luidt het bij Christian Aid. Volgens de wetenschappers kunnen de bevindingen nog een onderschatting zijn.

Volgens The Independent blijkt uit een niet-gepubliceerde studie dat de droogte nog erger kan zijn indien koolstofcycli ook in het model worden opgenomen. De Britse regering gaat alvast ruime ruchtbaarheid schenken aan het door de overheid gesubsidieerde rapport op de conferentie van Nairobi. Luidens The Guardian gaat minister van financiën Gordon Brown er uitpakken met een "baanbrekende" studie van sir Nicholas Stern die de wereld waarschuwt dat klimaatsverandering tot multimiljardenverliezen kan leiden.

Experts beschouwen het rapport als de meest omvattende inschatting van de kost van de opwarming van de planeet. Het is volgens de krant een sterke waarschuwing aan de wereldleiders, in het bijzonder aan de Amerikaanse president George Bush, dat men niet mag talmen met de kwestie van de klimaatverandering door te zeggen dat de concurrentiekracht eronder kan lijden wanneer men nu in actie schiet.

Het rapport van Stern, een vroegere economist van de Wereldbank, zegt ook dat de klimaatsverandering vooral de arme landen zal treffen. Vooral Afrika wordt een slachtoffer. Mogelijk zal daar de oogst uit landbouw tegen 2080 met twaalf procent dalen, waardoor tientallen miljoenen mensen méér riskeren honger te lijden. Maar ook de geïndustrialiseerde wereld onder leiding van de VS riskeert hoge verliezen te lijden indien er niet gereageerd wordt, aldus het rapport dat volgens The Guardian "vitale munitie" is voor de Britse premier Tony Blair en zijn gedoodverfde opvolger Brown.

Zij argumenteren dat de wereldleiders overeenstemmming moeten bereiken over een raamwerk van nieuwe maatregelen voor het Verdrag van Kyoto in 2012 afloopt. De VS weigeren Kyoto te ondertekenen omdat zij vinden dat Washington zich dit economisch niet kan permitteren indien de grote groei-economieën, met name China en India, er niet aan te pas komen.

Bron: Belga

Eerdere berichtgeving over de klimaatsverandering:
geVILT: Angstzweet voor klimaatsverandering gegrond?

via VILT 4 oktober 2006

 

zie hieronder de samenvatting:

http://www.metoffice.com/research/hadleycentre/pubs/brochures/B1998/food.html


Gevolgen van klimaatverandering op de voedselproductie

Samenvatting

Als gevolg van klimaatveranderingen en CO2-uitstoot verwacht men dat oogstopbrengsten zullen stijgen in landen op een middelmatige tot hoge breedtegraad en zullen dalen in de landen die zijn gelegen op een lagere breedtegraad. Hoewel wereldwijd het voedselsysteem regionale opbrengstverschillen zal harmoniseren, zullen sommige regio's, in het bijzonder in de tropen, aanmerkelijke opbrengstverlaging gaan voelen, een lagere productie en een hoger gevaar voor honger. Afrika zal het hardst getroffen worden; men verwacht dat alleen al als gevolg van klimaatverandering 18% meer mensen honger riskeren.

Dynamische groeimodellen voor teelten worden toegepast om de gevolgen van de klimaatverandering (volgens het nieuwe Hadley Centre klimaatmodel) en de toename van CO2 in de atmosfeer voor de opbrengst van de belangrijkste graangewassen te simuleren. Een mondiaal handelsmodel voor voedsel  wordt vervolgens gebruikt om de economische gevolgen van veranderingen in de opbengsten te simuleren en aldus de kansen in te schatten inzake de wereldwijde voedselopbrengst en voedselprijzen, en het aantal mensen dat gevaar loopt honger te lijden. Alle modellen en methoden die in deze analyse worden gebruikt zijn collegiaal getoetst en geldig verklaard.

Men verwacht afname van de opbrengsten in de jaren 2020 in Rusland en in de jaren 2080 in Canada. West-Afrika en tropisch Zuid-Amerika lijken het zwaarst getroffen te zullen worden. In sommige regio's zoals Canada en Australië, kunnen de opbrengsten aanvankelijk toenemen maar in de loop van volgende decennia afnemen als gevolg van een zich wijzigend evenwicht tussen positieve effecten van CO2 'bevruchting' en de negatieve effecten van vochtstress. Dit dwingt duidelijk tot beleidsaanpassing.

Het mondiaal voedselmodel omvat de klimaatreacties in de vorm van veranderingen in de gemiddelde nationale en regionale opbrengst per basisproduct zoals hierboven omschreven. Economische bijstellingen omvatten veranderingen in agrarische investering, grondtoedeling aan de verschillende teelten, landwinning en prijzen. Een 'hongerrisico'-index is gestoeld op methoden die zijn ontwikkeld door de FAO, de Voedsel- en Landbouworganisatie van de VN. Zou er geen klimaatverandering zijn, dan wordt de groei van de wereldgraanproductie geschat op ongeveer 1.800 miljoen ton in 1990 naar ongeveer 3.500 miljoen ton in 2050, overeenkomstig wat er wereldwijd aan voedsel nodig is gedurende die periode. Men schat dat de voedselprijzen zullen stijgen, maar het relatieve hongerrisico zal dalen. Deze voorspellingen zijn in overeenstemming met die van de FAO. Zij gaan uit van een 50% liberalisering van de handel in 2020 en een jaarlijkse toename van de graanopbrengsten van net iets minder dan 1%.

Het klimaatveranderingsscenario geeft aan dat de wereldgraanproductie in toenemende mate lager zal zijn dan de voorspellingen zonder klimaatverandering; in de jaren 2050 zou de wereld een tekort kunnen meemaken van 90 miljoen ton in vergelijking met het referentiescenario. Voedselprijzen stijgen met 17% boven het niveau dat zij anders zouden hebben gehad en het aantal mensen dat honger riskeert zal naar schatting als gevolg van de klimaatverandering in de jaren 2050 met 30 miljoen toenemen.

De globale schattingen hierboven verbergen belangrijke regionale verschillen in de gevolgen. In het algemeen zullen kleine afnames in oogstopbrengst en productie worden gecompenseerd door socio-economische ontwikkelingen. Regionale ongelijkheden zijn echter zonneklaar. Opbrengstverminderingen op lagere breedtegraden, in het bijzonder in de droge en semi-droge tropen, leiden tot productieverlagingen en een toename van het hongerrisico – gevolgen die verergerd zouden kunnen worden waar het aanpassingsvermogen lager is dan het mondiaal gemiddelde. In Afrika bv. verwacht men in 2050 een lagere graanopbrengst van 10% tov. het referentiegeval en 18% meer mensen die kans hebben om honger te lijden.

In bijzonder kwetsbare gebieden en gedurende korte periodes ( bv. in perioden van droogte of overstroming) zullen veel gevolgen van de klimaatverandering ernstiger zijn dan hierboven aangeduid.

Contributors: Martin Parry and Matthew Livermore, Jackson Environment Institute, University College London; Cynthia Rosenzweig, Goddard Institute foe Space Studies, USA; Ana Iglesias, Cuidad Universitaria, Spain; Gunther Fischer, International Institute for Applied Systems Analysis, Austria.

Facebook Twitter Pinterest