FAO-conferentie over biologische landbouw

Conclusies van de internationale conferentie van de FAO over biologische landbouw en voedselzekerheid gehouden te Rome van 3 tot 5 mei 2007.

De deelnemers aan deze conferentie zijn de volgende punten overeengekomen zoals ze zijn voorgesteld in de conclusies van de voorzitter:
  • De biologische landbouw kan bijdragen aan de voedselzekerheid, maar de mate waarin dit mogelijk is hangt sterk af van het bestaan van een echte politieke wil daartoe.
  • De biologische landbouw kan de gevolgen verzachten van nieuwe problemen, zoals de klimaatveranderingen, dankzij maatregelen zoals een verbeterde binding van koolstof aan de bodem. Hij biedt ook praktische oplossingen betreffende aanpassing aan de effecten van klimaatveranderingen.
  • De biologische landbouw voorziet in het versterken van de waterzekerheid op verschillende terreinen van het drinkwater, vermindering van de behoefte aan bevloeiing van biologische bodems en verhoging van het rendement onder omstandigheden waar sprake is van waterstress als gevolg van klimaatwisselingen.
  • De biologische landbouw voorziet in het beschermen van de agrobiodiversiteit en het garanderen dat daarvan duurzaam gebruik kan worden gemaakt.
  • De biologische landbouw voorziet in voldoende voedingsstoffen, dankzij een groeiende diversificatie van biologische producten die rijker zijn aan micronutriënten.
  • De biologische landbouw bevordert de plattelandsontwikkeling door inkomens en tewerkstelling te creëren in gebieden waar de bevolking geen andere keus heeft dan zijn toevlucht te nemen tot handwerk, tot lokale hulpbronnen en lokale kennisvormen.
  • Het is absoluut nodig om een internationaal netwerk te vestigen dat is gericht op het biologische onderzoek en op een rationele verbreiding van kennis, om die ten goede te laten komen aan de biologische landbouw. Het is nodig dat een groter deel van openbare middelen wordt besteed aan agro-ecologische wetenschappen.
  • De voedselzekerheid is nauw verbonden met het landbouwbeleid dat bepalend is voor de keuzes betreffende export en import. De biologische landbouw vormt een band tussen economische en ecologische en sociale doelstellingen, maar dat kan niet tot uiting komen als dezelfde regels niet in gelijke mate op allen worden toegepast door geschikte interventies van algemeen politieke aard.
  • De voedselzekerheid is niet uitsluitend een onderwerp van zorg voor landen die nog in ontwikkeling zijn. De crisis rond het fossiele brandstoffen, de klimaatveranderingen en andere zwakke punten in de voedselketen zijn evenzeer in staat om die regio’s in gevaar te brengen die niet lijden onder voedselonzekerheid.

Raadpleeg de volledige rapportage van deze conferentie van de FAO over de Biologische landbouw:

(Engelse documentatie) http://www.fao.org/organicag/ofs/docs_en.htm

(Franse documentatie) http://www.fao.org/organicag/ofs/docs_fr.htm

Zie ook de Franse website plus d'infos sur notre site www.mdrgf.org

 

Aantekening:

Het is onmiskenbaar dat de biologische landbouw een grote bijdrage kan leveren aan de voedselzekerheid. Dat geldt in het bijzonder voor ontwikkelingslanden, maar ook elders.

Maar niet vergeten mag worden dat diezelfde FAO die zo hoopvol wordt geciteerd, ook van mening is dat "At the global level, however, and with the present state of knowledge and technology, organic farmers cannot produce enough food for everybody. zie http://www.fao.org/organicag/faq-e.htm#7 "

Misschien is het juist dat de biologische landbouw de potentie heeft de hele wereld te voeden, maar ze maakt het op dit moment niet waar en kan het in de toekomst niet waarmaken al zouden alle boeren op biologische landbouw overschakelen. Die onmogelijkheid houdt verband met het huidige consumptiepatroon en de huidige verhouding tussen de menselijke consumptie van dierlijke en plantaardige eiwitten. Als die situatie niet drastisch verandert, blijft de verwachting van de biologische landbouw een ijdele hoop. Het is in de toekomst ook allerminst zeker dat de conventionele landbouw deze pretentie kan waarmaken. De omvang van de veeteelt in verhouding tot de teelt van voedselgewassen direct ten dienste van menselijke voeding, is ter discussie.

Op dit moment staat 78% van het wereldlandbouwareaal direct of indirect ten dienste van de veeteelt (informatie ontleend aan een recente studie van OIVO). Van de resterende 22% staat een nog groeiend deel ten dienste van niet-voedingsgewassen. Zie voor de studie van OIVO het artikel “Stijgende vleesconsumptie: het milieu betaalt de prijs!” in deze Voedselkrant.

Facebook Twitter Google+ Pinterest