|
Deze dag
staat in het teken van het ‘vlees’.
Chapecó =
vleesstad, maar ook ‘Hoofdstad van de agroindustrie’ en ‘Hoofdstad van de
agricultura familiar’. Evident dat dit een constant dispuut om ruimte en
erkenning is. De groten van de agroindustrie - Sadia, Perdigão, Aurora- dié
hebben hun erkenning op straten en pleinen. Ze hebben hun tijdschriften, hun
reclamespots op TV. Hun koelwagens. Hun slachthuizen. Hun mannetjes in de
diverse overheden die het land rijk is. Ze hebben de wind van de
liberaliseringsideologie van keizer Wereldhandelsorganisatie WTO in de rug. Ze
willen met hun kippen- en varkensvlees Europees vlees van de wereldmarkt duwen.
Protest natuurlijk vanuit de Europese Unie. Een chronische spanning
EU-Mercosul, zoals je hier in Chapecó een constante spanning voelt tussen twee
landbouwmodellen.
De
Agricultura Familiar komt de laatste jaren ook sterk op voor haar eigenheid, in
organisatie en in zichtbaarheid. Fetraf-Sul/Cut heeft haar hoofdzetel in
Chapecó. Het hoeft dan ook niet te verwonderen dat ik in 2002 de toenmalige
burgemeester Chapecó hoorde uitroepen tot ‘Hoofdstad van de Agricultura
Familiar’. De agroindustrie stond daar waarschijnlijk eerst wat om te lachen.
Vermoedelijk wordt dat stilaan een venijnig knarsetanden, want zij riepen
Chapecó informeel uit tot hùn hoofdstad.
Dubbelzinnige
‘Hoofdstad’
Wat houdt
dat in, zo’n titel ‘Hoofdstad van de Agricultura Familiar’?
Als ik van
het Fetrafappartement naar het kantoor wandel, passeer ik de autobusterminal.
De bussen stoppen er, spuwen mensen uit
en halen nieuw volk op. De naamplaatjes, die de richtingen aangeven,
spreken boekdelen: zes keer staat er Sadia en drie keer Aurora. Voor de velen
dus die in deze slachthuizen en verwerkingsfabrieken werken. Er zal nog heel
wat vlees in de kuip belanden, eer een agroindústria familiar als die van de
‘Grupo Bergamin’ (zónder vlees) een busplakkaatje krijgt. Zulke initiatieven op
het platteland zijn nieuw, maar met het openbaar vervoer meestal ook
onbereikbaar. Een bus naar Sadia is logischer, zoals de metro in
Anderlecht-Brussel eindelijk werd doorgetrokken tot aan de nieuwe supermarkt
van Ikea. Niet voor de grote St. Niklaasschool, die er al jaren om vroeg.
Ik kom op
het kantoor aan: een enthousiaste telefoon van een Marly Winckler. Ze
coördineert de vegetariërs in Brazilië. Volgens Marly gaat het om een sterk
groeiende beweging. Ze woont en werkt op het idyllische eiland en de hoofdstad
van deelstaat Santa Catarina : Florianópolis. Ze is afkomstig uit, jawel uit
Chapecó. Haar familie woont er nog, maar ze komt er niet meer graag, in die
vleesstad. Tussen de vele slachthuizen. Tobias Leenaert van EVA (Ethisch
Vegetarisch Alternatief) VZW (2) bracht haar op de hoogte over mijn boek(3). De
vrouw is heel enthousiast over het verschijnen van zo’n sojaboek in het
Portugees. Ze willen er met hun beweging mee bekendheid aan geven. Een heel
gesprek ontwikkelt zich. Soja is volgens haar in het dieet van vegetariërs
belangrijk geworden, omdat de Amerikanen hiermee begonnen. Het hoeft helemaal
niet dat er zoveel soja gebruikt wordt in een vegetarische levenswijze. Los
daarvan of het nu, deels opgedrongen is vanuit de VS, of dat het eerder vanuit
de Oosterse keuken komt, ook voor de vegetariër is het belangrijk om te weten
wat er gebeurt met het Amazonegebied, hoe de grootschalige sojaproductie
sociaal en ecologisch uitpakt, dat meer dan 70 % van alle soja in veevoeder
terecht komt. Dat neemt niet weg dat soja voor menselijke consumptie een
interessante piste kan zijn (4).
Vegetariër anno 2056?
Vlees en
vleesvreterij. Om wanhopig van te worden. En toch… dezelfde dag komt hier een
mail binnen over een studie in de New Scientist (5). Op vraag van het
tijdschrift hebben 40 vooraanstaande wetenschappers voorspellingen gedaan over
wat in 2056 heel gewoon zou zijn. Wat lees ik?: “De onderzoekers voorspellen dat we over vijftig jaar allemaal
vegetariërs zullen worden, omdat we de gedachten en emoties van dieren kunnen
doorgronden.”
Ik wil het nog zien gebeuren, maar het geeft
wel een sprankeltje hoop om te overleven in deze Vleesvreetstad. Zelf ben ik
geen vegetariër, maar met collectief vlees minderen lossen we al heel wat
problemen op, die ons momenteel mondiaal bedreigen. Daar gaat het sojaboek
over. Dat gaat dan uiteraard om andere argumenten dan om de emoties van de
dieren, alhoewel hier op kantoor Ivo Dickmann me juist aanspreekt over een
aangrijpende Braziliaanse DVD. Ook hij handelt over de emoties van de dieren,
vlak voor ze geslacht worden. Interessant dat Ivo als carnivoor hier midden in
Vleesland over begint. Hij is oprecht geraakt door de film en wil absoluut dat ik hem bekijk.
’s Avonds gaan we met een groep van Fetraf
eten. Er is één visschotel. Blijkbaar zijn ze het niet gewoon dat die besteld
wordt, want ik word veel later bediend dan de anderen. Het gaat om tilápia, een
vis die waarschijnlijk voor 90 % is opgegroeid in en gevoed met varkensmest.
Althans, als we het verhaal moeten geloven dat we met de Werveldelegatie anno
2005 in Concórdia kregen. De visstukjes gaan als hapjes rond. Ieder geniet
ervan.
We gaan afrekenen aan de kassa. Er liggen wel
tien tijdschriften vanuit de machtige agroindustriehoek: Revista nacional da
Carne (Nationaal tijdschrift van het Vlees), Agromais (Meer Agro; meer van
hetzelfde dus), Sabores do Sul (Smaken van het Zuiden), en zoveel meer
smakelijks. Tevergeefs zoek ik een tijdschrift van de Agricultura Familiar en
van de Vegetariërs.
Er is duidelijk nog veel werk in Vleesland. Er
is echt moéd voor nodig om in deze context vegetariër te worden.
Zouden de 40 wetenschappers het over een
andere planeet hebben?
Luc Vankrunkelsven,
Chapecó, 21 november 2006.
(1)
www.vegetarianismo.com.br; www.svb.org.br; www.ivu.org
(2)
www.vegetarisme.be
(3)
‘Kruisende schepen in de nacht.
Soja over de oceaan.’, Dabar-Wervel, 2005. In het Portugees: ‘Navios que se cruzam na
calada da noite. Soja sobre o oceano.’, Editora Gráfica Popular Cefúria, 2006 –
www.cefuria.org.br
(4)
Noëmi
Weis in Foz do Iguassu is sterk bezig met sojaproducten voor kinderen op
school. Ze bereikt dagelijks 35.000 kinderen en zo onrechtstreeks ook hun
gezinnen. Meer hierover in bovenstaand sojaboek. Lucie Morren van Soynica in
Nicaragua probeert al jaren via vrouwengroepen soja in het Nicaraguaanse dieet
te integreren. Zie: www.soynica.org.ni
; soynica@ibw.com.ni
(5)
http://www.newscientist.com/channel/opinion/science-forecasts/dn10580
|