spacer
spacer
       
Home
Publicatielijst
Wervelkrant
Sojaflitsen
Boeken
 

08 april '06 : Nieuwe woning, nieuwe toekomst
Share/Save/Bookmark

Nieuwe woning, nieuwe toekomst

 

Ik schuif even aan in de rij om met Celso Ricardo Ludwig te spreken. Celso is één van de dirigenten van Fetraf-Sul. Voorheen was hij verantwoordelijk voor productie (o.a. soja), maar gezien zijn organisatietalent en de onstuitbare werkijver, werd hem gevraagd om Cooperhaf te coördineren. Het is voor iedereen duidelijk: als Celso zich ergens achter zet, dan komt er beweging in de zaak.

 

“Celso, eerst iets over je thuissituatie. Je trouwde als Duitse afstammeling een Italiaanse familie in en naar ’t schijnt heb je nu heel de familie mee om het voorouderlijke bedrijf op een nieuwe leest te zetten.”

 

“Zo kan je’t zeggen, ja. Het is een bedrijf in Sarandi: 17 ha,  traditioneel vooral met soja, wat tarwe en maïs. Er stond ook één hectare druiven op, die zonder verwerking verkocht werden. Een beetje wijn werd gemaakt voor eigen consumptie, zoals dat bij vele Italiaanse afstammelingen het geval is. Er was nog een beetje vee voor eigen consumptie van vlees en melk. Duidelijk dus een bedrijf met weinig verwerking en weinig inkomen.”

 

“Met hoeveel mensen werk je er nu en hoe ziet de toekomst er uit?”

 

“We werken met vijf mensen: mijn vrouw en ik, haar ouders en haar broer. Sinds zes jaar zijn we met omschakeling begonnen. De strategie is om soja en andere granen te verminderen, de melkproductie te verhogen, de druiven te doen toenemen en te verwerken tot wijn en fruitsap. De beginsituatie was zero inkomen van de melk; nu 1000 real per maand. Gaandeweg werd de soja verminderd totdat er dit jaar geen soja meer was. Er is wel nog wat maïs, die verkocht wordt als veevoer voor varkens. In Italiaanse kringen wordt er veel polenta van gemaakt.

Momenteel zoeken we krediet om ons te verbeteren in productie, verwerking en handel. Da’s een grote uitdaging, want een boer is niet van nature niet met de markt bezig, dus ook niet met de eisen van kwaliteit en competiviteit. Vanaf 2005 begonnen we al met een verbreding van de diversificatie met appelsienen, perziken, vijgen, caqui, aardnoten, etc.

Daar we aan de grote baan een verkooppunt begonnen met hoeveproducten, moet dit zo divers mogelijk zijn. Dit jaar zal er nog een serre in orde komen met groenten, we zullen salami maken, etc. In de buurt van het verkooppunt willen we tegen het eind van het jaar ook een restaurant beginnen. Alles vormt dus op die 17 hectare een mooi geheel en de eigen producten worden er zoveel mogelijk gebruikt.

Het geheel vraagt heel veel handen, temeer daar we de druiven binnen twee jaar nog gaan opvoeren van 2 naar 10 hectare. We zijn met vijf mensen, maar voor hetgeen ik hier opsom, zijn negen mensen nodig. Zelf zal ik op termijn ook een keuze moeten maken tussen werken hier bij Cooperhaf en thuis in het groeiende project. We zullen voor de wijn stijgen van 12.000 liter naar 100.000 liter en voor het fruitsap van 250.000 liter naar 400.000 liter binnen 6 jaar. Dat vraagt veel kennis en gespecialiseerde handenarbeid. De vraag komt dus op ons af hoe ver de familie hier kan in meegaan? Hoe gaan de verschillende generaties en de mensen in loondienst kunnen blijven samenwerken?”

 

“Grootse plannen, maar nu iets over Cooperhaf.”

 

Cooperhaf werd in 2001 als een coöperatief gesticht om de woningen op het platteland te verbeteren. Het werd al vlug een prioriteit van Fetraf-Sul, want na twee jaar bleek dat het om véél meer dan woningen zou gaan. De dirigenten zagen het impact ervan op het leven van de mensen en als een kans voor de verdere uitbouw van het syndicaat. We begonnen eerst in Rio Grande do Sul. Vanaf 2003 werken we in de drie zuidelijke deelstaten. Politiek gezien kwamen de woningen niet van de coöperatie, maar van Fetraf. Het was en is een grote overwinning van Fetraf als vernieuwend syndicaat van de gezinslandbouw. Cooperhaf is maar de technicus, een dienstverlening.  Eigenlijk was het de eerste ervaring in Brazilië op dit niveau. Vooraf waren er wel enkele projecten op gemeentelijk niveau. Gaandeweg kregen we meer ruimte bij de overheden op gemeentelijk vlak, op het niveau van de deelstaten tot op het federale niveau. Het thema kreeg meer kracht in alle syndicaten. We kregen meer kredieten. Het gaat allang niet meer om huizen alleen!

 

“Liep het allemaal zo vlotjes?”

 

“Nee, àlles was nieuw was voor ons. Op wettelijk vlak bijvoorbeeld was er niets voorzien voor zo’n onderneming. Het werd dus een enorm werk van onderhandelen en monitoreren van de programma’s. Voorheen was het een assistentialistische logica en de boer zag alleen maar ‘muren’. Bleek al gauw dat het een unieke kans was en is om de vele thema’s waar wij voor opkomen, te integreren in één groots project. We hadden voordien al veel gediscussieerd over productie bijvoorbeeld. De inzet was nu: ‘Hoe wonen verruimen met andere aspecten van het leven?’ Een woning genereert namelijk geen inkomen. Dus er moet méér zijn. Meer dan het huis. Een huis alleen lost niet de plattelandsproblemen op. Daarom wordt van elke familie verwacht dat ze vijf vormingsdagen volgen.

  • De eerste dag gaat over het maken van de woning, maar vier dagen handelen over:
    Drie praktische zaken die het wonen verrijken: moestuin, bloementuin en fruitboomgaard. Dit is een keer geen uiteenzetting, maar het gaat over heel concrete zaken die het leven van de mensen verbeteren. Het moet mooi zijn!

  • De volgende dag: wat is een syndicaat? Discussiëren ook over de coöperatief, elektriciteit, agroindústria familiar, etc.

  • Relaties tussen de generaties. Hoe kunnen jongeren enthousiast op het platteland blijven? Hoe gaan we met zieken en ouderen om? Kortom: het goede samenleven tussen mensen.

  • De laatste dag is de ‘dia do campo’/’dag van het platteland’.

Vanaf de eerste dag wordt er al iemand uit de 30 families gekozen om deze dag te organiseren. Heel de gemeenschap komt dan op hun bedrijf. Een tuin kan al begonnen worden zonder programma, eh. Iedereen kan daar zien en leren. Deze familie blijft ook later referentie voor Cooperhaf in die streek. Cooperhaf zelf heeft 150 coördinatoren op gemeentelijk vlak.

Ook de oude discussies over agroindustria, etc. landen nu in het project. Ze worden nu heel simpel en praktisch. Vroeger kwam alleen de man naar vergaderingen. Nu wordt verwacht dat het koppel altijd samen komt. Het is duidelijk een groter project geworden i.v.m. sociale relaties, autonomie, je rechten kennen, subject van je geschiedenis zijn, etc. Zo zijn we zeer geanimeerd om verder te gaan en om de problemen te overwinnen. Problemen die er natuurlijk komen, financiële en andere. Anderzijds kunnen we er nog meer uithalen dan dat we tot nu toe doen: mobilisaties, het verzekeren van toekomst voor jongeren en zoveel meer.”

 

“Het gaat om meer dan huizen, maar over hoeveel húizen spreken we nu?”

 

Tot nu toe hebben 2271 families al een tijdje een nieuwe woning.

7908 zijn in aanbouw of zijn we aan het afronden. En er is een projectie van 7000 nieuwe woningen tegen het einde van 2006.  Het gaat telkens om nieuwbouw of het verbouwen van een oude woning.”

 

“En wat, als Lula eind dit jaar niet meer tot president van Brazilië verkozen wordt?”

 

“Het is een proces van geloofwaardigheid opbouwen, zodat je niet afhangt van een concrete regering. Het gaat om ‘políticas públicas’. Dat kan niet van één persoon of een welbepaalde regering afhangen.”

 

 

Luc Vankrunkelsven,

Chapecó, 8 april 2006.

 

 

 
     
spacer

Edinburgstraat 26 - 1050 Elsene - tel 02 893 09 60 e-mail: info AT wervel PUNT be