|
Bracatinga versus
Pinus en Eucalyptus
Tijdens de
veertiendaagse over de ‘biodiversiteit’ verblijf ik bij AOPA (Associação para
desenvolvimento da Agroecologia/Associatie voor de ontwikkeling van de
Agroecologie) en voor de overnachting bij familie Marfil in Bocaiuva. We rijden
’s morgens op, maar passeren eerst nog het centrum van Bocaiavu om enkele
basiswerkers van AOPA op te pikken. We scheren door het mooie gebied. Marfil
ziet me wat triest naar een kaalgeschoren berg kijken.
“Ja”, zegt
hij: “Ze zijn daar pinus aan ’t planten’. Ik zucht: “Pinus is nu eenmaal
economisch interessanter, eh, dan wel de oorspronkelijke begroeiing.” “Niet
waar!”, flitst hij in mijn richting:”Brazilië heeft een immense biodiversiteit
aan goed hout. Bracatinga bijvoorbeeld is op 6 jaar klaar om geoogst te
worden.Veel vlugger dus dan Pinus.”
Ik kijk
even meewarig naar de chauffeur: “Het is inderdaad een interessante boom. Een
vlinderbloemige pionier die voor stikstofbinding zorgt, maar hij levert toch
geen hout om planken te zagen?”
Marfil: “’t
Is te zeggen. Er bestaat hier een traditie om de Bracatinga elke de 6 jaar in
hakbossen te oogsten. Voor ‘lenha’: brandhout om te koken en om te verwarmen.
De bomen staan dan dicht tegen elkaar en leveren inderdaad hout dat alleen voor
huishoudelijk gebruik bestemd is. Maar dun je de bomen het 6e jaar
uit, dan heb je na 12 jaar stevige boomstammen. Ideaal hout om meubels van te
maken.Pinus kan je pas vanaf 15 tot 22 jaar oogsten!”
“Wij kenden
in Vlaanderen ook eeuwenlang hakbossen, vooral van eiken- en berkenhout. Zelfde
systeem eigenlijk, maar dat is de laatste decennia wat in onbruik geraakt. De
mensen hebben nu centrale verwarming en koken op gas of elektriciteit.”
“Hier
gebeurt het nog volop. Kijk, daar heb je een strook heropschietende boompjes
van een jaar. En ginds een bergflank met Bracatinga van 3 jaar oud. Je ziet,
hoe vlug het groeit. Er is nu in Bocaiuva een project begonnen om vanuit
Bracatingahout meubelen te maken.”
“Prachtig.
Hoe komt het dat je daar nooit van hoort? En waarom gebeurt het zo weinig?”
“De Groene
Revolutie heeft ons monocultuur op de akkers én in de bossen opgedrongen. Heel
het onderzoek is al tientallen jaren exclusief op soorten als eucalyptus en
pinus geconcentreerd. Het is ongelooflijk, maar zelfs de financiering door
Pronaf Florestal (1) zit nog altijd in deze enge visie. Pronaf geeft aan de
Agricultura Familiar via de Banco do Brasil alléén maar krediet voor aanplant
van eucalyptus, pinus en acacia negra. Zo’n project is dan ook echt roeien
tegen de stroom op, maar er zit wel degelijk een alternatief in voor de
verzurende bossen van pinus.Alle leven is er dood, terwijl het in de
Bracatingabossen één en al leven is.”
We rijden
mijmerend verder. In hetzelfde Bocaiuva is er een onderzoekscentrum, ‘Embrapa
Florestal’. Empraba is een federale studiedienst die in de jaren ’70 werd
opgericht, midden in de euforie van de oprukkende Groene Revolutie’. Waar valt
ons oog op? Juist! De eerste schuchtere proefveldjes met verschillende soorten
Bracatinga.
“Kijk, dat
is een andere soort, die als een soort groenbemester gebruikt wordt. Hij schiet
op en bindt stikstof in de bodem. Hij wordt al vlug gehakt en de takken blijven
als biomassa op het veld liggen. Ideaal om je akker agroecologisch mee te
bemesten en om structuur in je bodem te behouden.”
Mijn
bedrukt Krunkelgezicht klaart wat op, al hangen we voortdurend achter zware
vrachtwagens vol pinus. Ik kan terug lachen, al maak ik mij zorgen om de
proliferatie langs de wegen. Zoals het vervoer van soja soms tot 20 % van zijn
lading onderweg verliest, zo verbergen zaden zich in de bast van de pinus en
vliegen vervolgens bij het vervoer in het rond. Overal langs de weg zie je
boompjes opschieten. De groteren beginnen al de originele begroeiing te
verdringen. Pinus dringt nu eenmaal overal door, zoals het kapitalisme zelf .
Bovendien is deze gepatenteerde boomsoort ‘homogeniserend’: grijp je niet in,
dan staan hier binnen 30 jaar geen andere bomen meer. Dat is althans mijn
pronostiek.
En toch
zijn er die standvastig de omkeer doen. Langzaam maar zeker.
Zelfs
Embrapa heeft nu zijn proefveldjes met Bracatinga.
‘Biodiversiteit’
is deze dagen het thema in de gekoelde ruimten van devirtuele Expo-trade.
Behoud aan
biodiversiteit is een dagelijkse strijd in de hitte van de reële bergen rond
Curitiba.
Naïef?
Zalig de
naïevelingen, want zij zullen de toekomst openen.
Luc
Vankrunkelsven,
Bocaiuva,
20 maart 2006.
(1)
Pronaf:
‘Programa Nacional de Fortalecimento da Agricultura Familiar’; ‘Nationaal
Programma ter versterking van de gezinslandbouw’. ‘Pronaf Florestal’:
financieringsprogramma ter ondersteuning van agroforestry in de agricultura
familiar.
|