|
Nog nooit waren er in Latijns-Amerika zoveel jongeren. Het regent dan ook van de studies over ‘de jeugd’. De meest recente zijn een globale studie over de jeugd in zes landen, een studie aan de universiteit van Rio de Janeiro over plattelandsjongeren in diverse sociale bewegingen van Brazilië en een studie over de Fetrafjeugd in de drie zuidelijke staten van Brazilië. Terwijl de eerste studie vooral interviews afnam van arme jongeren in de steden, is de focus van de twee laatste eerder op het uitgestrekte platteland gericht. Terwijl in de eerste studie vooral de roep om waardigheid in de soms onmenselijke situatie van de steden naar bovenkomt, wordt in de plattelandsstudies ingezoomd op het waarom van de moeilijk te stoppen plattelandsvlucht.
De jongeren in de steden zijn daar geboren of zijn nog met hun ouders het boerenbestaan ontvlucht. De anderen huizen nog in de Agricultura Familiar, maar weten soms niet goed wat gedaan: ook de stap wagen of een toekomst in de buurt van de ouders proberen uit te bouwen? Momenteel telt Brazilië ongeveer 180 miljoen mensen, waarvan 47 miljoen jongeren. Er is een opmerkelijk overschot van ongeveer 5 miljoen vrouwen. Tussen 1960 en 1980 zijn 27 miljoen mensen van het platteland naar de steden gevlucht. In Zuid-Brazilië trokken tussen 1970 en 2000 4,4 miljoen mensen weg of 48 % van de rurale bevolking. Momenteel zijn de meisjes eerder geneigd om naar de stad te trekken, want in het boerenbestaan is het overschot omgekeerd. Vele jonge boeren vinden geen vrouw meer. 83 % van de bevolking hokt samen in de steeds groter wordende metropolen. Nog 17 % leeft op het platteland. Zestig jaar geleden was dit nog omgekeerd. Het gaat trouwens om een wereldwijde trend. Sinds 2006 leeft de helft van de wereldbevolking in steden. De Braziliaanse exodus had ooit een ander gelaat. In de jaren ’50 waren het vooral mannen en vrouwen tussen de 30 en 39 jaar, die weg trokken. In de jaren ’90 mannen tussen 20 en 24 jaar en de meisjes tussen 15 en 19 jaar. Sinds de jaren ’70 is er een opmerkelijke verandering tussen de seksen opgetreden. De meisjes studeren hoe langer hoe meer en langer dan de jongens. Zij stoten ook meer door naar hogere studies. Bij de interesses blijkt dat zij heel wat lezen, terwijl dit bij de jongens qua bezigheid weinig voorkomt. De jongens hebben meer interesse in zaken die het bedrijf aangaan. Bij de meisjes zie je een hoge opmerkelijke score wat computerstudie betreft. Rond deze en andere gegevens zijn we twee dagen samen met jongeren van Fetraf. De vraag is: welke strategie moeten we hebben om het platteland en de gezinslandbouw terug leefbaar en aantrekkelijk te maken voor jonge mensen? Hoe gaan we ervoor zorgen dat aan de twee hoofdbekommernissen van de jongeren wordt voldaan: uitzicht op voldoende inkomen en meer onafhankelijkheid van de ouders? Het denkproces kadert in een nationale conferentie over de jeugd, opgezet door de regering Lula. 15 maart 2008 heeft het eerste debat over de jeugd plaats in het Braziliaanse parlement. Nooit eerder vertoond! Wat de nood aan scholing in deze regio betreft, weet Altemir Tortelli, de algemene coördinator van Fetraf-Sul/Cut, te melden dat president Lula himself op 20 maart de oprichting van een nieuwe universiteit komt ondertekenen. Tortelli looft ook Severine, de coördinator van de Fetrafjeugd. Ze is een referentie op nationaal vlak, als het over de rurale jeugd gaat. Vrouwenoverschot in de steden. Mannen die geen partner vinden in de dorpen. Moeten we in Brazilië ook het TV-programma ‘Boer zoekt vrouw’ lanceren? Of zijn er andere wegen om een nieuwe toekomst voor de Agricultura Familiar mogelijk te maken? Chapecó, 28 februari 2008.
|