|
Peeters wil impuls voor Vlaamse paardensector |
|
De paardenhouderij in Vlaanderen is in volle opmars en heeft nood aan een uitgewerkte beleidsvisie, gedragen door de sector. Dat heeft Vlaams landbouwminister Kris Peeters donderdag gezegd bij een werkbezoek aan een paardenhouderij in het Antwerpse Zandhoven.
Vlaanderen beschikt over zo'n 120.000 paarden, vooral in de provincies Antwerpen en Oost-Vlaanderen, en ongeveer 200.000 mensen houden zich recreatief met het paardengebeuren bezig. De laatste tien jaar was er vooral een markante groei bij de hobbyisten. De paardenhouderij levert volgens Peeters dan ook een aanzienlijke bijdrage tot de plattelandseconomie en mag beschouwd worden als een "nieuwe economische drager" die inkomsten en economische bedrijvigheid genereert en voor directe en indirecte tewerkstelling zorgt.
"In België creëert de sector 219 miljoen euro aan toegevoegde economische waarde en 3.550 arbeidseenheden. Voor ruim de helft is Vlaanderen verantwoordelijk", zegt Peeters. In de loop van 2008 moet een inventarisatie van alle mogelijke knelpunten en uitdagingen en het opstarten van overleg met alle actoren in de sector resulteren in een duidelijke beleidsvisie die bijdraagt tot een duurzaam platteland.(KS)
Eerdere berichtgeving over de paardensector: 7/5/07: "Plattelandsbeleid negeert groei paardenhouderij" Via Vilt, 071004 Noot: Wikipedia helpt ons op weg om het begrip ‘verpaarding’ dat op dit moment ingang vindt beter te plaatsen: Verpaarding of "horsificatie" is het proces waarbij het grondgebruik verandert van landbouwproductie naar paardenhouderij. De term werd aanvankelijk spottenderwijs gebruikt, maar in december 2006 kwam zij al voor in de aankondiging van een serieuze studiedag. Verpaarding vindt met name plaats in de buurt van steden en dorpen. Door de toename van het aantal kleine perceeltjes en opvallende hekwerken krijgt het landschap soms een rommelige indruk. Verpaarding wordt dan ook gezien als een oorzaak dan wel een symptoom van de verrommeling van het landschap. |