|
Brussel, 8 januari 2008 – De landbouwsector is één van de sectoren die het meest broeikasgassen uitstoot. Nochtans zou de sector kunnen evolueren van een grote uitstoter van broeikasgassen naar een kleine uitstoter of zelfs naar een koolstof-sink, een reservoir dat meer koolstof opslaat dan uitstoot. Dat blijkt uit een Greenpeace rapport dat vandaag wordt gepubliceerd.
Het rapport “Cool farming: Climate impacts of agriculture and migitation potential” is het eerste rapport dat de totale invloed van landbouw op klimaatverandering in kaart brengt. Het rapport werd in opdracht van Greenpeace geschreven door professor Pete Smith, verbonden aan de Universiteit van Aberdeen en één van de hoofdauteurs van het laatste rapport van het klimaatpanel van de VN. “De milieu-impact van de industriële landbouw is op een kritisch punt gekomen”, zegt Karen Janssens, campagneverantwoordelijke duurzame landbouw bij Greenpeace. “Nu de klimaatdreiging groter is dan ooit, moeten we streven naar een landbouwtoekomst in harmonie met het milieu, niet tegen het milieu.” De huidige landbouwindustrie wordt gekenmerkt door intensief gebruik van energie en chemicaliën, met een toenemende uitstoot van broeikasgassen tot gevolg. Vooral het overmatig gebruik van kunstmeststoffen en intensieve veeteelt dragen bij tot een hogere uitstoot van broeikasgassen. De totale globale bijdrage van landbouw aan de klimaatverandering (met inbegrip van ontbossing voor landbouwgrond) wordt geschat tussen 8,5 en 16,5 miljard ton CO2-eq of tussen de 17 en 32% van de totale uitstoot van broeikasgassen die door de mens wordt gegenereerd. Binnen de landbouw is het overmatig gebruik van meststoffen de grote boosdoener. Meststoffengebruik is goed voor 2,1 miljard ton CO2-eq op jaarbasis. Een overdaad aan meststoffen resulteert in de uitstoot van stikstofoxide (N2O), dat in het kader van de klimaatverandering 300 keer krachtiger is dan koolstofdioxide, het meest bekende broeikasgas. Het rapport geeft een overzicht van oplossingen die de klimaatverandering kunnen tegengaan zoals minder meststoffen gebruiken of de vraag naar vlees verminderen, vooral in de ontwikkelde landen. Industriële landbouw put de bodem uit, zodat de grond minder koolstof kan vasthouden. Door de bodem te beschermen, door bijvoorbeeld bodembedekkers te gebruiken of de organische stof in de bodem te verhogen, wordt koolstof beter vastgehouden in de bodem. “Het overdadig gebruik van meststoffen moet en kan gestopt worden. Landbouwers moeten gemotiveerd worden om minder meststoffen gerichter te gebruiken en om over te schakelen naar moderne, milieuvriendelijke landbouwmethoden”, benadrukt Karen Janssens. “Milieuonvriendelijke landbouwsubsidies moeten afgeschaft worden. Meststoffen en pesticiden moeten belast worden in plaats van gesubsidieerd.” Samenvatting en volledig rapport zijn terug te vinden via www.greenpeace.org/pers |