|
Thema's -
Landbouwbeleid
|
|
donderdag, 09 november 2006 16:13 |
 In 1999 verklaarde 65 procent
van de landbouwers "wellicht nooit" een beheersovereenkomst met de
Vlaamse overheid te zullen afsluiten. In 2006 heeft ruim 90 percent van
de ondervraagden interesse in één of meerdere beheersovereenkomsten.
Het aantal bedrijven met een of andere vorm van natuurvriendelijke
landbouw is in die periode gestegen van 26 naar 31 procent. Dat blijkt
uit een vergelijking van de jongste enquête die Boerenbond onder zijn
leden uitvoerde met die van zeven jaar geleden.
19 procent van de landbouwbedrijven heeft inmiddels een
beheersovereenkomst gesloten. Nog eens 27 procent heeft concrete
plannen en/of doet aan natuurvriendelijke landbouw zonder
beheersovereenkomst. De toegenomen interesse geldt voor bijna alle
vormen van milieuvriendelijke landbouw: lagere bemestingsnormen, weide-
en akkerrandenbeheer, erosiebestrijding en de teelt van bedreigde
variëteiten en rassen.
Biologische landbouw vormt een belangrijke uitzondering. Gangbare
telers staan steeds sceptischer tegenover de biologische
productiewijze. In 1999 verzette de helft van de Boerenbond-leden zich
tegen biolandbouw als volwaardig alternatief, in 2006 is dat aandeel
gestegen tot 76 procent. De bereidheid om over te stappen mits een
aangepaste vergoeding is gezakt van 30 procent in 1999 naar amper 11
procent in 2006.
In 1999 geloofde 52 procent van de agrariërs dat nevenactiviteiten
zoals hoevetoerisme, thuisverwerking en thuisverkoop steeds
belangrijker zouden worden. Dat percentage bedraagt nu 71 procent. Het
aantal bedrijven dat een deel van zijn inkomen uit
verbredingsactiviteiten puurt, is gestegen van 16 naar 38 procent. Een
meerderheid van de boeren en tuinders is er nu ook van overtuigd dat
nevenactiviteiten op steun van de overheid mogen rekenen.
Andere belangrijke tendenzen zijn een toegenomen begrip voor
bijberoepers en het bewustzijn dat steeds meer bedrijven een
vennootschap zullen moeten oprichten. Het klimaat lijkt vandaag iets
gunstiger voor coöperaties en samenwerking. Nog meer bedrijven dan in
1999 lijken ruimtelijk vast te lopen. Dat percentage is gestegen van 52
naar 59 procent.
|