spacer
spacer
       
Home
Landbouwbeleid
Eiwittransitie
Landbouwsubsidies
Biobrandstoffen
Agroforestry
WTO
Soja
Melk
Suiker
Kemp
Amarant
Lupine
Biotechnologie
Voedselsituatie en -handel
Denk globaal eet lokaal
Landbouw en cultuur
Diverse info
 

Onteigeningsdecreet Syngenta
Share/Save/Bookmark

Braziliaanse gouverneur zet stappen om land te onteigenen van agrobusiness multinational Syngenta

door Isabella Kenfield, 8 december 2006, Brazilië, Curitiba

Op 9 november j.l. heeft Roberto Requião, gouverneur van de deelstaat Paraná, een slag toegebracht aan de agrobusiness toen hij een decreet tekende om de experimentele testsite te onteigenen die in bezit is van de Zwitserse multinational Syngenta en gelegen in Santa Teresa do Oeste. Dit decreet werd in het algemeen belang uitgevaardigd omdat Syngenta op die plek illegaal 12 ha had aangeplant met genetisch gewijzigde sojabonen. Het decreet is zonder voorgaande in Brazilië en Latijns Amerika (zelfs de wereld), immers nooit eerder heeft enige staat of federale regering stappen gezet om land te onteigenen van een multinational in de agrobusiness. De actie is uiting van een toenemend gevoel onder de Latijns Amerikaanse politici van verzet tegen de toenemende macht van de agrobusinessondernemingen en is een bewijs van de toenemende organisatie en macht van de samenleving in de regio.

Requião's besluit tot onteigening van de 127 ha grote site is zonder twijfel het resultaat van de druk vanuit de samenleving. Het onteigeningsdecreet kwam er na een acht maanden durende geweldloze bezetting van de site door leden van de landelijke sociale groeperingen La Via Campesina en de beweging van de landloze landarbeiders, MST, die de site op 14 maart bezet hebben nadat het Braziliaans Instituut voor milieu en natuurlijke bronnen, IBAMA, het federaal bureau voor milieu, had bevestigd dat Syngenta daar illegaal transgene sojabonen had aangeplant.

Hoewel transgene soja legaal is in Brazilië, was de aanplant van Syngenta illegaal omdat de proefsite gelegen is binnen de beschermingszone van het Nationaal Park van Iguaçu, wat in 1986 door de VN was verklaard tot Patrimonium van de Mensheid.

De bezetting maakte een einde aan alle activiteiten van Syngenta ter plaatse en kostte Syngenta volgens mededelingen aan de pers meer dan 50 miljoen US$. De bezetting oefende ook druk uit op IBAMA om het bedrijf een boete op te leggen van 465.000 US$ - een boete die Syngenta tot nu toe niet heeft betaald. Gedurende de bezetting en ook na het decreet van Requião heeft Syngenta altijd ontkend dat er sprake zou zijn van enige strafbare activiteit.

"Dit is werkelijk een historisch moment in de mondiale strijd tegen de transgenen en een bewijs dat sociale bewegingen invloed hebben op de daden van transnationale bedrijven," zei Maria Rita Reis, advocaat voor Terra de Direitos, een mensenrechtenorganisatie in Curitiba bij een presentatie van de wettelijke stappen tegen Syngenta.

Volgens Roberto Baggio, deelstaatleider van La Via Campesina en MST, "Het bestrijden van Syngenta was alleen mogelijk door een grote alliantie van de sociale bewegingen op het platteland . . . in overeenstemming met een krachtige en moedige stellingname van Gouverneur Requião, ter verdediging van een gediversifieerde, nationale landbouw die biodiversiteit beschermt. Deze actie is een aanwijsbaar internationaal teken in de strijd tegen de machtige belangen van de agrobusiness transnationals die de landbouw mondiaal willen domineren en hun project willen doordrukken, maar hier in Paraná zijn er sterke signalen van volksverzet, die de weerbaarheid zouden kunnen vergroten in de strijd tegen de transnationals over heel de wereld."

De wettelijke basis voor het decreet van de gouverneur om de site van Syngenta omwille van het algemeen belang te onteigenen is te vinden in de Braziliaanse grondwet. Volgens de mededeling van het persbureau van de deelstaat baseert Gouverneur Requião, die een geschiedenis kent van een anti-GM-beleid, zich op de soevereiniteit van de Braziliaanse deelstaten om "opmerkelijke natuurgebieden en het milieu te beschermen, vervuiling in welke vorm ook te bestrijden, en bossen, flora en fauna te beschermen," met nadruk op "de kwetsbaarheid van het grootste en belangrijkste overblijfsel van het deels bladverliezende woud van het land, gelegen in het Nationaal Park van Iguaçu."

Daar komt bij dat artikel 186 van de Braziliaanse grondwet aanduidt dat private eigendom, land inbegrepen, een sociale functie moet hebben. Sinds begin van de jaren 1980 heeft MST artikel 186 gebruikt om geweldloze bezettingen van niet-productief land, dat  in handen is van grootgrondbezitters, te rechtvaardigen om zo druk uit te oefenen op de regering om de grond te onteigenen met het oog op agrarische hervorming. Meer recent worden multinationale agrobusinessbedrijven met hun groeiende economische macht, hun controle over natuurlijke hulpbronnen en met hun in dit land strafbare feiten, het doelwit van deze bezettingen. Terra de Direitos betoogt dat de grond van Syngenta's experimentele site niet zijn sociale functie vervulde en dat door illegale aanplant van transgene sojabonen Syngenta een inbreuk pleegde op mensenrechten door de biodiversiteit en de biozekerheid van Brazilië in gevaar te brengen, aangezien alle Brazilianen afhankelijk zijn van de natuurlijke hulpbronnen van het land.

Volgens João Pedro Stedile van het nationaal coördinatiebureau van MST, "heeft Gouverneur Requião zich een moedig man getoond door te beantwoorden aan de grondwet om natuurlijke hulpbronnen te beschermen en aan de wet op de biozekerheid die zegt dat niemand experimenten met transgenen kan doen in nationale parken. Hij stelt dus Syngenta strafbaar. Ik hoop dat gouverneurs van andere deelstaten en de federale regeringen het voorbeeld van Requião zullen volgen en ons zullen helpen in de strijd om de Braziliaanse biodiversiteit te verdedigen en voedselsoevereiniteit te behouden tegen de transnationale bedrijven die wereldwijd zeggenschap wensen over voedsel en biodiversiteit."

Toch betekent het feit dat Requião het decreet heeft getekend, nog niet dat het onteigeningsproces eenvoudig zal zijn. Er bestaat weinig twijfel aan dat Syngenta bij het federaal hof van justitie in beroep gaat tegen het besluit. Dat zal de onteigeningspoging van de site bemoeilijken omdat de regering van President Luis Inacio 'Lula' da Silva meer de neiging heeft om toe te geven aan de belangen van de agrobusiness. Brazilië ondervindt op dit moment een economische boom in de agrarische productie, in het bijzonder van GG-soja. De aanplant van GG-soja werd in 2003 onder de Lula regering gelegaliseerd en het land is nu de tweede grootste producent en exporteur van sojabonen ter wereld, tweede na de VS. Syngenta, die in 2005 een winst boekte van meer dan 8,1 miljard US$, oefent een aanzienlijke economische en politieke macht uit in Brazilië en heeft er groot belang bij om zijn zaken in het land op peil te houden.

Syngenta heeft in het openbaar niet gereageerd op het decreet van Requião en weigert in deze kwestie op persvragen te antwoorden. Toch is het duidelijk dat haar strategie om het besluit aan te vechten is gelegen in het aanwenden van haar politieke en economische macht de Braziliaanse wet te veranderen om de poging te bemoeilijken haar schuldig te verklaren aan onwettig gedrag. Op 31 oktober tekende president Lula een maatregel die de afmeting van de beschermingszone rond een nationaal park van 10 km terugbrengt tot maar 500 m, een ingreep die bijna met zekerheid het resultaat is van druk vanuit Syngenta. Deze ingreep verstoort de poging om vast te stellen dat Syngenta illegaal GG-soja aanplantte binnen de beschermingszone, aangezien de aanplant 6 km van het park ligt. Zo heeft op 31 november j.l. de federaal minister voor Paraná uitgesproken dat Syngenta mbt. haar proefsite in overeenstemming is met alle wettelijke regelingen en vereisten. De minister besliste het openbaar onderzoek tegen de illegale activiteiten van Syngenta zoals in oktober aangeklaagd door Terra de Direitos, te stoppen.

Toch zal Requião's poging tot onteigening van de site ondanks politieke en juridische oppositie geruggesteund worden door andere regionale krachten die in zijn voordeel werken meer in het bijzonder de zwaai naar links die door Latijns Amerika gaat. Leiders zoals de Venezolaanse Hugo Chávez en de Boliviaanse Evo Morales zullen ongetwijfeld Requião voorzien van regionale ondersteuning. Chávez zelf heeft banden met de MST en La Via Campesina en is een uitgesproken tegenstander van de transgene technologie; Bolivië is onlangs begonnen aan de uitwerking van een progressief agrarisch hervormingsprogramma ten gunste van kleine boeren en landloze arbeiders.

Requião's aanzet tot onteigening van de site van Syngenta zal op zijn minst een boodschap zijn voor de agrobusiness multinationals dat zij niet langer illegaal Braziliaanse natuurlijke hulpbronnen naar believen kunnen uitbuiten en straffeloos overtredingen kunnen begaan. Het zal zonder twijfel ook een ondersteuning zijn van de kracht en het vertrouwen van de sociale bewegingen. Volgens de deelstaatleider van La Via Campesina en MST, Celso Ribeiro, "betekent dit voor La Via Campesina een geweldige overwinning en een grote verovering. Syngenta is de tweede grootste zaadproducent van de wereld, die zowel transgene mais als soja produceert. De site zal nu gebruikt worden als een centrum voor ons om inheemse zaadvariëteiten te creëren."

Het artikel werd op 8 december 2006 gepubliceerd op Z-net : http://www.zmag.org/content/showarticle.cfm?SectionID=48&ItemID=11580
 
     
spacer

Edinburgstraat 26 - 1050 Elsene - tel 02 893 09 60 e-mail: info AT wervel PUNT be