spacer
spacer
       
Home
Landbouwbeleid
Eiwittransitie
Landbouwsubsidies
Biobrandstoffen
Agroforestry
WTO
Soja
Melk
Suiker
Kemp
Amarant
Lupine
Biotechnologie
Voedselsituatie en -handel
Denk globaal eet lokaal
Landbouw en cultuur
Diverse info
 

Verwerp biotechnologie niet bij voorbaat
Share/Save/Bookmark
In gesprek met Guido Ruivenkamp over biotechnologie in de biologische landbouw
Guido Ruivenkamp pleit ervoor biotechnologie-ontwikkeling in zijn maatschappelijke context te onderzoeken. Dat opent perspectieven om biotechnologie opnieuw te ontwerpen voor bijvoorbeeld toepassingen in de biologische landbouw. Ruivenkamp zal zijn visie inbrengen op de studiedag die de Studiekring Biologische Landbouw organiseert op 5 oktober aanstaande.

Biotechnologie en biologische landbouw staan op gespannen voet met elkaar. De biologi­sche landbouwbeweging behoort heel duidelijk tot het kamp dat biotechnologie afwijst, terwijl de voorstanders stellen dat we deze technieken nodig hebben om een duurzame wereld te bereiken. Om nu eens een wat breder licht te werpen op deze discussie gingen we op bezoek bij Guido Ruivenkamp, die zich zowel aan de WUR als aan de VU met dit onderwerp bezighoudt. Al sinds de jaren tachtig bestudeert hij de ontwik­kelingen rond biotechnologie. In zijn proefschrift (1989) blijkt hij veel van huidige ontwikkelingen al te hebben voorzien. Daarna heeft hij zich bezig gehouden met de vraag of het mogelijk is om vanuit boerenorganisaties andere vormen van biotechnologie te ontwikkelen. Eenmaal in Wageningen terechtgekomen heeft hij zich in het kader van een aantal projecten verdiept in biotechnologie in relatie tot biologische landbouw. Tegenwoordig houdt hij zich vooral bezig met regionale toepassingen van biotechnologie-op-maat in ontwikkelingslanden.

Nieuwe technieken

Het begrip biotechnologie is complex en voortdurend in ontwikkeling.

In het begin van ons gesprek met Guido Ruivenkamp vragen wij hem daarom een definitie te geven. Hij knijpt zijn ogen even dicht en citeert uit zijn hoofd de oorspronkelijke OECD-definitie: "Simpel gezegd is biotechnologie het gebruiken van (levensprocessen van) planten, micro-organismen, cellen en delen daarvan voor het omzetten van het ene pro­duct in het andere." Glimlachend achter zijn brillenglazen wil hij maar zeggen dat biotechnologie dagelijkse kost is - ook in de biologische landbouw. Denk maar aan de processen bij de bereiding van bier, wijn, kaas en yoghurt. Tegenwoordig denkt met bij biotechnologie echter vooral aan de nieuwe technieken waarbij gebruik gemaakt wordt van genetische modificatie (of manipulatie, zoals het eerst genoemd werd). De rest van het gesprek hebben we ons geconcentreerd op deze nieuwe technieken, waar de biologische sector - vooral in de ver­edeling - op dit moment veel mee te maken heeft.

Het belang van de context

"Het is zinvol," stelt Ruivenkamp, "om biotechnologie te bekijken vanuit de samenhang tussen techniek en de maatschappelijke en historische context waarin die techniek tot stand komt." Hij schetst de ontwikkeling van de laatste decennia door te wijzen op drie onderling verbonden aspecten: toenemende controle op afstand door multinationals, toenemende concurrentie tussen gewassen en de opkomst van patenten. Net als bij de groene revolutie, waarbij hybride rassen geïntroduceerd werden, krijgen leveranciers van genetisch veranderde rassen steeds meer controle over de boerenpraktijk. Via het zaaizaad worden landbouwkundige handelingen gedicteerd: bijvoorbeeld een ingebouwde herbicideresistentie verplicht tot het gebruik van het betreffende herbicide. Daarnaast werd een toenemende uitwisseling van landbouwgrondstoffen mogelijk door de opkomst van enzymtechnologie. "Omdat nu bijvoorbeeld ook suiker gemaakt kan worden uit maïs(overschotten) of zelfs uit houtpulp, moeten riet- of bietsuikerproducenten ineens gaan concurreren met maïstelers en bosbeheerders," zegt Ruivenkamp: "Agrarische producten worden hiermee politiserend, omdat ze in toenemende mate de landbouwpraktijk wereldwijd programmeren." Coca cola is bijvoorbeeld van rietsuiker overgestapt op maïssuiker, waarmee de prijs van suiker gedrukt kon worden. Als laatste noemt Ruivenkamp de opkomst van patenten die hij leest als politieke pamfletten, omdat je hier de verwachtingen van de multinationals ten aanzien van de toekomstige landbouwpraktijk terug kunt vinden. Kortom, we hebben hier te maken met een nieuwe, internationale organisatie van arbeid en verschuivende machtsverhoudingen.

De voor-tegen discussie voorbij

"Nu is het opmerkelijk," zegt Ruivenkamp, "dat deze context van de techniekontwikkeling door zowel voorstanders als tegenstanders als vaststaand wordt aangenomen. De voorstanders van biotechnologie stel­len dat machtsrelaties niet thuishoren in discussies over biotechnologie. Dat is iets ánders zeggen ze dan, het gaat toch om de (zegeningen van de) techniek. En de tegenstanders zeggen: zie je wel, biotechnologie ontwikkeling eindigt altijd met machtsconcentratie. Ook de biologische sector komt vaak niet verder dan deze voor-tegen discussie. Dat is jammer, want je kunt ook de uitdaging aangaan om te kijken of biotechnologieontwikkelingen plaats kunnen vinden binnen het kader van andere maatschappelijke belangen." Dit noemt hij het 'herontwerpen van biotechnologie'.

Herontwerp

Ruivenkamp geeft een aantal voorbeelden van dit 'herontwerpen' van biotechnologie binnen projecten waar hij bij betrokken is. Hier wordt voornamelijk regionaal en participatief gewerkt aan het verbeteren van landbouw. Zo wijst hij op de stadslandbouwprojecten in Cuba.

De grootschalige suikerrietteelt daar stortte ineen tegelijk met de Sovjetunie waarvoor men produceerde. De landbouwactiviteiten in Cuba richtten zich vanaf dat moment sterk op de stadsrand waar de producenten de consumenten opzochten. De wetenschap in Cuba heeft deze ontwikkelingen gevolgd; in kleine onderzoekscentra wordt in overleg met lokale boeren gewerkt aan producten en technieken die zijn toegespitst op hun vragen. Ze ontwikkelen bijvoorbeeld specifieke biologische bestrijdingsmiddelen of weefselkweek voor vermeerdering van uitgangsmateriaal. Zo zijn er ook voorbeelden te noemen uit India, Brazilië, Equador, Ghana en Kenia.

Geen bedreiging?

Wat betekent dit voor de biologische landbouw in Nederland? Ruivenkamp heeft geen pasklare antwoorden, maar stelt dat er binnen elke context gezocht moet worden naar de relaties tussen maatschappelijke doelstellingen en technieken, zonder de technieken bij voorbaat te verwerpen. "Het zou kunnen dat bijvoorbeeld genomics - het in kaart brengen van de erfelijke eigenschappen van een soort - onder bepaalde condities helemaal niet zo'n bedreiging hoeft te zijn voor de principes van de biologische landbouw. Het is een genetische analysetechniek, die eigenschappen kan opsporen, waarna er met traditionele veredelingstechnieken verder gewerkt kan worden. Hetzelfde geldt voor moleculaire merkers die na veredeling snel aangeven of een bepaalde eigenschap is ingekruist (zie ook Ekoland 2-2006). Het is de context die bepaalt of daarmee de focus te eenzijdig op veredeling van die eigenschappen komt te liggen, niet de techniek zelf. Of zelfs cisgenese, waarbij soorteigen genen met DNA technieken worden ingebracht, bijvoorbeeld phytophtora resistentiegenen van een wilde aardappel in moderne rassen. Natuurlijke soortgrenzen worden hiermee dus niet overschreden, maar het is wel genetische modificatie. Ruivenkamp: "Ook hier geldt dat de techniek niet per definitie afgekeurd moet worden, maar dat hij bekeken moet worden binnen de doelstellingen van duurzame ontwikkeling." ∎

STUDIEDAG EN DISCUSSIE

De Studiekring Biologische Landbouw organiseert op 5 oktober a.s. een studiedag over 'Biotechnologie in de biologische land­bouw' in Wageningen. In de ochtend wordt eerst uit de doeken gedaan welke biotechnologische technieken mogelijk zijn (Michel Haring, UvA), hoe de biologische landbouw daar tegen aan kijkt (Edith Lammerts van Bueren, WUR/LBI) en hoe er in de praktijkvan de biologische landbouw met biotechnologie wordt omgegaan (Jan Velema, Vitalis Biologische Zaden). In de middag is tijd voordiscussie in een aantal werkgroepen met inhoudelijke inbreng door sprekers uit verschillende werkvelden: onderzoek en onderwijs (Guido Ruivenkamp), overheid (Margreet Hofstra, LNV) en de biologische sector (Bert van Ruitenbeek, Biologica onder voorbehoud). Het doel is om met een frisse blik naar de problematiek te kijken.

Begin september volgt een definitief programma. Voor meer informatie en aanmelden: www.klv.nl/studiekringen/sbl of studiekringbiolb@yahoo.com

 

Ecoland 7/8, 2006


 
     
spacer

Edinburgstraat 26 - 1050 Elsene - tel 02 893 09 60 e-mail: info AT wervel PUNT be